bevalling / plaats / bellen / verloop

Verloop

Het begint, en dan?

De ontsluitingsfase
Weeën zullen vaak eerst onregelmatig zijn en kort van duur. Probeer jezelf zolang mogelijk af te leiden en te doen alsof er nog niets aan de hand is. Dit is nog maar het begin en kan nu zelfs nog weer afzakken.
Zolang je het goed kunt volhouden kun je afwachten, bel als de weeën vaker komen en moeilijk op te vangen zijn.
De normale ontsluiting bij een eerste kindje duurt gemiddeld 12 tot 18 uur. Bij een volgende bevalling kan dit sneller gaan.
Tijdens de ontsluiting is het belangrijk dat je je zoveel mogelijk blijft ontspannen, je verzetten tegen de weeën verergert de pijn. Probeer daarom houdingen te zoeken waarin je de weeën goed kunt opvangen. Vaak kan een warme kruik, douche of bad ontspanning geven.
Als je het idee hebt dat je de pijn niet meer aankunt, bespreek dit dan met ons. Mocht het nodig zijn dan is in overleg met de gynaecoloog pijnbestrijding mogelijk. Dit wordt gedaan in het ziekenhuis onder leiding van de gynaecoloog.
Normale verschijnselen tijdens de bevalling zijn: slijm- en bloedverlies, overgeven, krampen in je benen en kuiten (masseren kan helpen), bibberen (dit komt door de inspanning).
We controleren het verloop van de bevalling door uitwendig en inwendig onderzoek. Ook bewaken we de conditie van de baby door naar de harttonen te luisteren. We spreken met je af wanneer we weer terug komen en tijdens de laatste fase van de ontsluiting blijven we bij je.

De uitdrijvingsfase
Tijdens deze fase krijg je over het algemeen een enorme druk op je anus (het gevoel dat je moet poepen). De buikreflex gaat een rol spelen en daar moet je aan toe geven, of je wilt of niet. Soms kost het tijdens deze fase wat tijd om over te schakelen van het zuchten naar het persen. We zullen je coachen tot de baby geboren is.
Bij een eerste kindje mag je ongeveer 1 uur persen, bij een volgende zal de uitdrijving sneller verlopen.
Als de baby geboren is en het goed doet, wordt hij /zij op je buik gelegd. Geniet van dit moment, hier heb je immers zo hard voor gewerkt!!!!
Wij kijken ondertussen naar de conditie van de baby en bepalen zo de apgar score.

De navelstreng wordt meestal doorgeknipt door de vader.

Het nageboortetijdperk
De placenta (moederkoek) laat los doordat de baarmoeder zich blijft samentrekken (naweeën) en wordt meestal binnen 30 minuten geboren. We controleren of de placenta en vliezen compleet zijn en kijken naar de hoeveelheid bloedverlies. Soms gebeurt het dat de placenta niet loslaat en dat je alsnog naar het ziekenhuis moet om hier op de OK de placenta te laten verwijderen.
Indien hechten nodig is wordt dit onder plaatselijke verdoving door ons gedaan.

Als je bloedgroep rhesus negatief is, wordt er tijdens de zwangerschap al onderzocht of de baby rhesus positief of rhesus negatief is. Hiervoor nemen we na 27 weken een buisje bloed af. Als de baby rhesus positief is, krijg je rond 30 weken en binnen 48 uur na de bevalling anti-D toegediend door ons. Als de baby rhesus negatief is, hoeft er verder niets gedaan te worden.

 

Kijk voor verschillende houdingen in deze folder, Jouw bevalling, welke houding past bij jou?